Werken in de jeugdzorg gaat helaas gepaard met regeldruk en bureaucratie. Toch kun je met creativiteit ook binnen die opgelegde grenzen veel moois bereiken, bepleit Nic Drion.

Een van de doelstellingen van de transitie was: meer ruimte voor de professional. En daarmee werd niet bedoeld: meer tijd om verslagen te schrijven en aan alle regels te voldoen. Maar: meer tijd om met cliënten te werken en meer ruimte om te kunnen handelen naar het eigen professionele oordeel. De intenties waren dus goed. Alleen de uitvoering is beroerd.   Dat komt onder andere doordat beleidsmakers in structuren denken, en elke structuuroplossing nieuwe bureaucratie met zich meebrengt. Zo gaat er zelden wat af, er komt alleen maar bij. Ook een calamiteit in de jeugdzorg kan leiden tot nieuwe maatregelen om elk denkbaar risico af te dekken. Echter, te veel regels maken ons bang en voorzichtig. En bange en voorzichtige mensen maken juist meer fouten, in plaats van minder. Maar er is ook hoop. In ieder van ons schuilt naast een volgzame geest, die zich zuchtend voegt naar de regels, ook een dappere, autonome geest, die gewoon de goede dingen wil doen. Het evenwicht tussen die twee is misschien wat zoekgeraakt, maar kan best hersteld worden.
‘Als we onze bril van frustratie afzetten, zien we tal van creatieve oplossingen’

Oplossingsgericht werken helpt hierbij. Een van de uitgangspunten is namelijk: als iets niet werkt, stop er dan mee en probeer iets anders! En aangezien er veel is dat nog niet zo goed werkt, zijn er ook veel dingen die we anders kunnen doen. Een ander uitgangspunt is: veranderingen hoeven niet groots en meeslepend te zijn. Kleine veranderingen zijn vaak al genoeg om toch iets te weeg te brengen. Als we onze bril van frustratie afzetten, zien we om ons heen tal van kleine voorbeelden van creatieve oplossingen die echt werken en hoopvol stemmen. Bijvoorbeeld de werker die besluit om twee dagen per week haar laptop niet mee te nemen naar haar werk. ‘Sindsdien ga ik veel vaker op huisbezoek,’ zegt ze blij. Of de hulpverlener die in plaats van een lijvig hulpverleningsplan gewoon een foto maakt van Het Drie Kolommen-model dat ze samen met ouders heeft ingevuld. Lekker snel klaar. Of een gezinsvoogd die tegen ouders zegt: ‘Eigenlijk moet ik binnen zes weken een plan van aanpak maken. Maar veel liever wil ik samen met jullie en belangrijke mensen uit jullie netwerk een plan maken, een familiegroepsplan. Dat wordt ons echte plan! Als we dat niet binnen de termijn afhebben, dan is dat mijn probleem, niet dat van jullie.’ De Veilig Thuis-medewerker die na een huisbezoek samen met ouders in de auto stapt en in een middag een tournee maakt langs opa en oma, de huisarts en school, en zo in één klap van de informatie krijgt van de belangrijkste professionals en mensen uit het netwerk. Super snel en super transparant. Of de medewerker uit een wijkteam die een totaal getraumatiseerde en geflipte jongen, met zijn gezin gevlucht uit Syrië, niet gesloten plaatst omdat die onhandelbaar zou zijn, maar voor een paar weken een vakantiehuisje huurt, waar ze als gezin tot rust kunnen komen. Mooi! En de hulpverlener die in casuïstiek-besprekingen, die bol staan van risicoanalyses, steevast vraagt naar wat er goed gaat in een zaak, in plaats van naar alles wat er fout gaat… Uiteindelijk is dit waar ook beleidsmakers blij van worden: werkers die indien nodig tegen de bureaucratie ingaan om samen met cliënten te komen tot creatieve oplossingen die echt werken. Daarmee geven die beleidsmakers eigenlijk een signaal: ‘Doe niet slaafs wat wij zeggen. Doe wat nodig is!’ Er gebeurt zoveel om trots op te zijn. Laat onze beste creatieve oplossingen een voorbeeld zijn van hoe we langs alle bureaucratie heen gewoon de goede dingen kunnen blijven doen. Zoek de grenzen van de regels op. Dat is ook nodig om vitaal te blijven. Want bureaucratie? Die is zo erg als je haar zelf maakt!

270 270

Kandidaten werkzaam bij Ammi-zorg

349 349

Kandidaten ingeschreven bij Ammi-zorg

84 84

Tevreden klanten van Ammi-zorg

82 82

Kilo’s snoep wat we op kantoor per jaar eten